Eten en drinken tussen wedstrijden en speelhelften in

Soms heb je op een dag twee of meer wedstrijden of je doet aan een sport waar je meerdere speelhelften in een wedstrijd hebt. Elke wedstrijd en elke speelhelft wil je natuurlijk zo optimaal mogelijk presteren. Herstel in de pauzes is heel erg belangrijk voor je prestatie. Voeding speelt hierbij een belangrijke rol.

Aanvulllen koolhydraten en vocht
Te kort aan vocht kan je prestatie halveren! Dat geldt natuurlijk ook voor een tekort aan energie. De brandstof die jou weer snel energie geeft zijn koolhydraten. Onder koolhydraten vallen alle suikers en zetmeel. Snelle suikers, zoals in sportdranken worden supersnel in je lichaam opgenomen en zijn dus ideaal om snel energie te krijgen. Daarbij levert een sportdrank ook het hoognodige vocht, en bepaalde zouten (mineralen) die zorgen dat het vocht beter wordt opgenomen. Een snee roggebrood bevat ook veel koolhydraten, maar ook veel voedingsvezels. Hierdoor blijft roggebrood lang in je maag en kan klachten geven. Geen aanrader dus als je weinig tijd tussen twee inspanningen hebt. Op dagen zonder wedstrijd of intensieve training is roggebrood (en andere vezelrijke producten) juist wel heel erg goed om te eten.

Te veel suiker?!
Pas op voor te suikerrijke dranken, zoal sap en Cola. Door teveel suikers kun je last krijgen van je maag. Je lichaam kan drank met teveel suikers minder snel opnemen. Het gevolg kan zijn dat je misselijk wordt of maag- en darmkrampen krijgt. De meest ideale sportdrank bevat 4-8 gram koolhydraten per 100 ml. Dit heet isotoon. Een drank met >8 gram suiker per 100 ml noem je hypertoon. Dan heb je ook nog hypotone dranken. Hierin zitten weinig koolhydraten, <4 gram per 100 ml. Deze dranken leveren dus minder energie, maar zijn wel goed om vocht aan te vullen tijdens wedstrijden en speelhelften. Water kan je ook onder de hypotone noemer zetten. Water is uiteraard altijd goed! Maar als je weinig tijd hebt, niet iets kunt eten tussendoor, maar wel energie nodig hebt dan is een isotone drank een goede uitkomst! Je kunt een isotone drank ook gemakkelijk zelf maken: 250 ml appelsap, 250 ml water en een mespuntje zout.

Tussen wedstrijden of speelhelften door.
Drink altijd 150-250 ml in 1 drinksessie. Dus niet steeds kleine slokjes. Anders gaat je maag klotsen. Dit is vooral vervelend als je na een korte pauze weer moet presteren!

Tussen wedstrijden in zit vaak meer tijd. Dan kan je vaak ook wel iets eten. Maar ook dan geldt dat je goed moet drinken! Je kunt kiezen voor water en een snack met koolhydraten. En dan bedoel ik met snack geen frikandel…maar een krentenbol, bruine bol met jam, mueslireep, etc. Let er wel op dat vast eten langer in je maag blijft en dus klachten kan geven. Ook producten met veel vet, vezels of eiwitten blijven lang in je maag en zijn dus niet erg prestatie bevorderend tussen wedstrijden door. Je kunt uittesten tot wanneer jij nog vast eten kunt nemen. Het volgende kan je proberen als je 2 uur pauze hebt: direct na de eerste wedstrijd 250 ml isotone drank, tot 1 uur voor de inspanning 1 krentenbol en 1 kleine banaan en 250 ml water, 5-10 minuten voor inspanning 150 ml isotone drank. Let wel op! Wat en hoeveel je kunt verdragen is heel persoonlijk! Test dit het liefst uit tijdens trainingen en niet tijdens belangrijke wedstrijden.

Overdrijf niet!
Wanneer je een of meerdere wedstrijden of een intensieve training hebt dan kan je kiezen voor een isotone sportdrank tussendoor. Als je geen wedstrijd hebt of een minder intensieve training dan is water vaak ook goed genoeg. Drink niet te pas en te onpas sportdranken.

Voor persoonlijk advies en vragen: www.annetbrons.nl